Hoe – en waarom – meten we onze slaap?

Slecht slapen. Sommige mensen hebben er zo nu en dan eens last van, anderen kampen met serieuze slaapproblemen. Metingen in een slaaplaboratorium kunnen achterhalen wat voor soort slaapprobleem iemand heeft. Maar we kunnen tegenwoordig thuis ook steeds meer leren over - en werken aan - het verbeteren van onze slaap.

Aangezien slaap een proces in onze hersenen is, is slapeloosheid dat ook. Het betekent in feite rusteloosheid van het brein. Om slaapproblemen te diagnosticeren worden patiënten in een slaapcentrum of ziekenhuis vol elektroden geplakt (op het hoofd, rondom de ogen, onder de kin en op de benen) om op die manier onder andere beweging, ademhaling, hartritme en hersenactiviteit te meten. Je kunt je voorstellen dat zo’n meting vrij intensief is. De kosten zijn hoog en je bent veel tijd kwijt. 

Uitgebreide slaaponderzoeken in slaapcentra zijn vaak duur en intensief

Inmiddels is er ook een andere manier bedacht om slaap te meten, namelijk op basis van je bewegingen tijdens je slaap. Die meetmethode gaat ervan uit dat je in je slaap veel minder beweegt dan wanneer je wakker bent. Bij deze methode worden slapers alleen uitgerust met een sensor om de pols. Die meting is dus goedkoper en eenvoudiger, maar ook minder accuraat. 

Vaak zijn moderne activity of fitness trackers, zo’n apparaatje om je pols om beweging te meten, ook uitgerust met een sleeptracking functie. Op basis van beweging wordt bepaald wanneer iemand ging slapen en weer wakker werd. Dat is dus nog steeds vrij beperkt, maar het kan al wel wat extra inzichten brengen over je slaap-waakritme. 

Met een slaap tracker kun je makkelijk inzicht krijgen in je slaap-waakritme

Dat sleeptracken wordt al een stuk nauwkeuriger als je een tracker koopt met een ingebouwde hartslagsensor. Zo’n hartslagsensor om je pols meet (rust)hartslag. Door die hartslagmeting kunnen bijvoorbeeld de verschillende slaapstadia geregistreerd worden. Iedereen gaat door een paar slaapstadia gedurende de nacht: lichte slaap, diepe slaap en REM-slaap. Al die slaapfases hebben verschillende functies die te maken hebben met het herstellen van je lichaam, je hormoonhuishouding en je immuunsysteem. Inzicht in die slaapstadia is dus relevante informatie. 

Maar hoe weet zo’n tracker in welk slaapstadia jij je bevindt? De hartslag is afwijkend bij deze slaapstadia. Tijdens de REM-slaap is bijvoorbeeld de tijd tussen twee hartslagen anders dan normaal. Dat kan zo’n tracker met hartslagmeter eruit pikken en zodoende concluderen dat je je in de REM-slaap bevindt. 

Met de nieuwste trackers kun je via een overzichtelijke app inzicht krijgen in verschillende slaapstadia

Als je eenmaal een beeld hebt van je nachtrust, met name hoeveel uur je gemiddeld slaapt, of je wakker ’s nachts wakker wordt, hoeveel tijd je in de REM-slaap en diepe slaap doorbrengt en of het lang duurt voordat je in slaap valt, dan kun je daarmee gaan experimenteren. Bijvoorbeeld door te kijken welk effect sporten heeft op je nachtrust, of een uurtje eerder eten. De TV niet meer aan hebben vlak voor het slapengaan of dat glaasje wijn laten staan in de avond. Al die dingen hebben met je slaaphygiëne te maken, en over het algemeen geldt: hoe beter de slaaphygiëne, hoe beter de nachtrust. 

Natuurlijk is het niet de bedoeling om je te druk te maken om je slaap en te piekeren over de getallen die uit de sleeptracker komen. Immers: stressen over slecht slapen zorgt er juíst voor dat je niet goed kunt slapen!

Er zijn nog geen reacties

Reageren